Ketelhuis 25 jaar 3x2 Ketelhuis 25 jaar 1x1
INTERVIEW
Positief blijven denken

Directeuren Floortje Smit en Alex de Ronde van het jarige Ketelhuis

25 jaar Het Ketelhuis in Amsterdam

'Steeds het wiel opnieuw blijven uitvinden'

Een kwarteeuw Het Ketelhuis: dat had oprichter Marc van Warmerdam nooit kunnen bevroeden toen hij in 1999 besloot dat er een vrijplaats moest komen voor de Nederlandse speelfilm. Onder leiding van Alex de Ronde kwam Het Ketelhuis tot bloei, en het is aannemelijk dat Floortje Smit straks het stokje zal overnemen. Wat maakt Het Ketelhuis zo bijzonder? Een dubbelinterview.

Praten met Floortje Smit en Alex de Ronde van Het Ketelhuis is een probaat medicijn tegen het chagrijn dat zo vaak rond de Nederlandse film hangt. Waar de bioscoopbranche het nationaal product vaak problematisch vindt, zien zij vooral kansen en uitdagingen. Positief denken zit in het DNA van het filmtheater op het Amsterdamse Westergasterrein.

Het Ketelhuis koos niet voor de gemakkelijkste weg toen het 25 jaar geleden de Nederlandse cinema als speerpunt nam. Ook zag het tijdens haar bestaan meerdere keren veel grotere filmhuizen en bioscopen in de buurt verschijnen (Eye Filmmuseum, De Filmhallen). Maar onder leiding van Alex de Ronde (66) werd geïnvesteerd in meer zalen, goede horeca en een sterke band met de vaderlandse filmindustrie. Van het voor- en najaarsoverleg tot symposia over een breed scala aan onderwerpen: in Het Ketelhuis kan iedereen met een goed verhaal of een mooie film een podium krijgen.

'Het leuke van Het Ketelhuis is dat je hier alles ook kunt uitvoeren zodra je een idee hebt.'

FLOORTJE SMIT

Ketelhuis 25 jaar Floortje 3x2

Floortje Smit / foto: Bob Bronshoff

Stoomcursus
Floortje Smit (44) trad twee jaar geleden toe tot de directie. Ze kreeg onder meer bedrijfsvoering in haar portefeuille zodat ze alle aspecten van het management kon leren kennen. ‘Ik heb de afgelopen twee jaar een stoomcursus bioscoop gehad, dat was fantastisch. Ik ken het hier nu zo goed omdat ik op alle plekken heb gezeten, ook achter de kassa. Het leuke van Het Ketelhuis is dat je hier alles ook kunt uitvoeren zodra je een idee hebt. Het is geen logge organisatie. Er zijn wat basiswaarden waar je aan moet voldoen, maar binnen die ruimte kun je heel veel uitproberen. Niks staat vast, heel prettig.’

Die flexibiliteit is wat De Ronde voor ogen stond toen hij in 2000 een bijna failliete bioscoop ging leiden. Hij kreeg het voor elkaar om Het Ketelhuis weer rendabel te maken, mede dankzij een efficiënte organisatie. ‘Die is langzaam gegroeid en komt nu zo’n beetje tot stilstand met vijf mensen op kantoor. Waar andere filmtheaters voor dezelfde functies vijftien medewerkers hebben. Ik zeg altijd tegen mijn mensen: ‘Je hoeft maar voor drie personen te werken, dus dat valt reuze mee.’ Bij andere instituten moeten afdelingen gaan vergaderen. Wij hebben geen afdelingen, wij zíjn een afdeling. Dat maakt het zo leuk.’

Smit komt uit de filmjournalistiek. Toen de raad van toezicht zich bij haar voordracht afvroeg hoe het zat met haar organisatorische ervaring, zei bestuurslid Jean van de Velde: ‘Het gaat erom dat de nieuwe directeur film in zijn of haar DNA draagt. De rest zien we wel.’ De Ronde was het daar hartgrondig mee eens. ‘Dat is een belangrijk onderscheid, want je ziet in andere filmtheaters dat er steeds cultuurmanagers worden benoemd. Floortje bracht ook nieuwe energie. We hebben de afgelopen 25 jaar veel dingen geprobeerd en sommige lukte wel, andere niet. Als Floortje nu met een idee komt neem ik me vooral voor om niet gelijk te zeggen: ‘Dat hebben we al eens geprobeerd, dat leidde tot niks.’ Je moet toch steeds het wiel opnieuw blijven uitvinden, misschien lukt het nu wel. Tijden veranderen en Het Ketelhuis heeft zich permanent moeten aanpassen aan nieuwe omstandigheden.’

Zo stelde De Ronde na de verbouwing van 2005 de formule bij door ook Europese art- en jeugdfilms in de programmering op te nemen. ‘Dat was geen financiële afweging. Er waren simpelweg niet voldoende fatsoenlijke Nederlandse films om drie zalen mee te vullen. Bij ons is het percentage Nederlands product en de bezoekers daarvoor ongeveer dertig procent, landelijk is dat veel minder. En landelijk bestaat het Nederlandse marktaandeel uit succesfilms die wij juist niet draaien. Hooguit een enkeling als Klem. We hebben dus een groter marktaandeel en dat wordt bijna volledig gegenereerd door de betere films. Best bijzonder.’

Piketpaaltjes
De Ronde en Smit kunnen er ook niet de vinger opleggen waarom pareltjes als Bo en Toen we van de Duitsers verloren zo roemloos ten onder gingen in de Nederlandse bioscopen. Maar ze doen er alles aan om kwetsbare films in elk geval de kansen te geven die ze verdienen. Smit: ‘Ik weet ook wel dat Poor Things bij ons lekker loopt, maar het moet niet ten koste gaan van kleinere titels die mensen ook willen zien. Sommige films hebben ademruimte nodig en moet je daarom net even langer laten staan. Dat kan bijna niet meer in de reguliere bioscopen. Toen we van de Duitsers verloren hebben we best lang gedraaid en je zag dat er altijd weer mensen naartoe bleven gaan, ook op lastige uren. Voor bijna elke Nederlandse film geldt dat wij de laatste zijn die hem hebben staan.’

Ketelhuis 25 jaar Alex 3x2

Alex de Ronde / foto: Bob Bronshoff

'Winstmaximalisatie vinden we een vies woord, maar horeca is wel heel belangrijk.’

alex de ronde

De publieke belangstelling voor de betere Nederlandse film schiet tekort, zoveel is zeker. Johan Nijenhuis denkt zelfs dat er helemaal geen publiek voor bestaat, en dat het geld dat er naartoe gaat verspilling is. Hoe zou het toch beter kunnen? De Ronde en Smit hebben geen pasklaar antwoord. De Ronde: ‘Wij bevinden ons tussen die uitspraak van Nijenhuis en die van Bero Beyer in, die onlangs in Het Parool zei: ‘Er is van alles mis in de filmsector, maar het ligt niet aan het Filmfonds.’ Dat zijn de twee piketpaaltjes waartussen wij onze weg moeten zien te vinden.’

Smit kent deze discussies goed, ze worden immers vaak in Het Ketelhuis gevoerd. ‘Johan Nijenhuis ontkent het nut van de arthousefilm voor Nederland en de Nederlandse identiteit. Maar het gaat niet alleen om geld. Als je bepaalde thema’s aansnijdt heb je ook een groter publiek nodig. Dus is de vraag: hoe krijg je die binnen? Je moet het niet omdraaien en zeggen: er gaan te weinig mensen naar toe, dus is het waardeloos.’ Ze noemt het verdwijnen van een populair cultureel tv-podium als DWDD als een verlies. ‘Natuurlijk los van alles wat zich daar achter de schermen afspeelde. Maar als daar Toen we van de Duitsers verloren aan tafel had gezeten, was het misschien anders gelopen.’    

Vakbijeenkomsten
Waar Het Ketelhuis zich ook mee onderscheidt zijn de grote aantallen vakbijeenkomsten die er jaarlijks worden georganiseerd. Het filmhuis heeft allianties met onder meer Dutch Directors Guild, IDFA, Dutch Academy en Beeld & Geluid. De Ronde: ‘Het aanbod is heel breed, van een uitverkochte masterclass van Roel Reiné tot en met Big Boys Biker Bende. Dat was een korte film van een afgestudeerde scenarist die op de Filmacademie geen eigen film mocht regisseren, en het toen in eigen beheer heeft gedaan. De academie wilde ‘m niet draaien, dus wij zeiden: ‘Kom maar bij ons.’ Moet je wel plechtig beloven dat al je vrienden na afloop flink gaan drinken.’

- lees verder onder de advertentie -

'Wij houden van jong talent. Ze nemen energie mee, plus het zijn de makers van de toekomst. En hoe wilder ze nu zijn, hoe interessanter ze later worden.’

- FLOORTJE SMIT -

Smit is blij dat filmprofessionals haar bioscoop als huiskamer zien. ‘Ze melden zich bij ons omdat men weet dat deze plek daarvoor is. En wij houden van jong talent. Ze nemen energie mee, plus het zijn de makers van de toekomst. En hoe wilder ze nu zijn, hoe interessanter ze later worden.’ De Ronde: ‘En dan zegt Floortje niet: ‘Dat moet ik eerst overleggen met de afdelingen zaalverhuur, programmering en horeca.’ Want ze hebben met haar alle afdelingen al aan de lijn. Het is ook kwestie van boerenverstand. Als je om zeven uur een zaal van 143 man hebt, komen er van tevoren een heel stel eten. En na afloop blijven er nog meer voor de borrel. Winstmaximalisatie vinden we een vies woord, maar horeca is wel heel belangrijk.’

VrouwMiBo
Met een eigen signatuur, een gezellige setting, betrokken personeel en een sterke binding met de buurt heeft Het Ketelhuis heel wat stormen kunnen doorstaan. Nieuwe concurrenten zorgden nauwelijks voor terugval: er ging simpelweg meer publiek naar Amsterdamse zalen. Zorgelijker vindt De Ronde de recente politieke ontwikkelingen. ‘De culturele instellingen in Amsterdam krijgen jaarlijks zo’n 190 miljoen vanuit Den Haag. Als dat wegvalt komt de cultuurbegroting van de stad in de knel. En ik denk dat wij eerder in de problemen komen dan het Rijksmuseum.’ Maar met een begroting waar subsidie slechts vijftien procent deel van uitmaakt, zal Het Ketelhuis niet zo snel omvallen.  

Vooralsnog zijn er plannen genoeg. Smit wil een VrouwMiBo organiseren op de Internationale Vrouwendag (8 maart), waar vrouwelijke filmprofessionals hun ervaringen kunnen delen. De Ronde zint op een podcast waarin via oral history systematisch aandacht wordt besteed aan de Nederlandse filmgeschiedenis. Zou dat eigenlijk niet de taak van Eye moeten zijn? ‘Dat zijn uw woorden, meneer Sonneberg.’
Verder nog wilde plannen, mijnheer De Ronde? ‘Ik droom nog steeds van een snoepstraat in Het Ketelhuis…’

Door Mark van den Tempel

Foto: Bob Bronshoff